Codes & richtlijnen

Goede doelen moeten verantwoording afleggen aan hun donateurs en de maatschappij over de besteding van de inkomsten. Eenduidige regels maken goede doelen transparant en verplichten tot een goede toelichting op de werkwijze en verantwoording van resultaten. Hiervoor is in de afgelopen jaren een systeem van toezicht en verantwoording ontstaan, gebaseerd op zelfregulering. Zelfregulering betekent dat goede doelen gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor dat hun werkwijze en functioneren inzichtelijk zijn.

Richtlijnen

De richtlijnen geven aan hoe het best gehandeld kan worden op belangrijke onderwerpen. Een van deze richtlijnen is de Regeling beloning directeuren van goede doelen die bestaat sinds 2005. Deze regeling houdt onder meer rekening met de omvang en complexiteit van de organisatie. Het maximumsalaris is afgeleid van het destijds voor rijksambtenaren geadviseerde maximum. De beloningsregeling maakt onderdeel uit van de per 1 januari 2016 ingevoerde Erkenningsregeling Goede Doelen. Het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) is de onafhankelijke toezichthouder en toetst goede doelen op de normen van de erkenningsregeling.

Ook bestaat de Richtlijn Financieel Beheer Goede Doelen die gaat over financiële reserves en beleggen. Deze richtlijn heeft betrekking op reserves en fondsen en het verantwoord beheer ervan. Hierbij gaat het om alle vormen van beheer, dat wil zeggen alle spaar- en andere beleggingsvormen.

Basis

De gedragscode van Goede Doelen Nederland gaat over de basiswaarden van een goed doel: respect, openheid, betrouwbaarheid en kwaliteit.

De Code Goed Bestuur is opgenomen in de Erkenningsregeling Goede Doelen. De code gaat over het besturen van goede doelen, het houden van toezicht, het afleggen van verantwoording en een goede omgang met alle belangrijke relaties van het goede doel (donateurs, vrijwilligers, de begunstigden, enz.).