De fietsdokter van Gulu

Sjarlot Kooi

Actief bij VSO sinds 2019

De fietsdokter van Gulu

Eind 2019 vloog Dr. Sjarlot Kooi, gynaecoloog uit Dordrecht, naar Gulu (Oeganda) om als vakdeskundige op vrijwillige basis haar kennis te delen. Ze zou een jaar lang werken in het Gulu Regional Referred Hospital, een ziekenhuis in één van de armste gebieden van Oeganda, maar helaas gooide de uitbraak van het coronavirus roet in het eten. Toch heeft Sjarlot een heel mooi begin gemaakt met haar plannen.

'Op de werkvloer werken vooral jonge artsen en studenten. Er is weinig supervisie. Het kennisniveau viel me niet tegen, de jonge artsen hebben de medische kennis paraat, maar het ervaringsniveau is laag.' Om die reden wilde Sjarlot vrij snel een begin maken met het faciliteren van scholing. Het opzetten van een skills lab voor reanimatietraining van pasgeborenen volgde, in samenwerking met de lokale kinderarts. 'Er bleek een echoapparaat te zijn en zo kon ik ook echo-onderwijs geven. Het bewust maken van het gebruik van deze tool leidde zichtbaar tot verandering: op een gegeven moment ging personeel zelf het apparaat pakken als er extra controle noodzakelijk was.'

Ook introduceerde Sjarlot het gebruik van de (handmatige) vacuümpomp. Na overleg met de medische staf in Kampala en Gulu, kreeg Sjarlot akkoord om een pilot te starten. Ze gaf onderwijs hierover en trainde meerdere artsen. 'Met het gebruik van deze pomp kan in sommige gevallen een keizersnede voorkomen worden.' Essentieel, want het voorkomen van een keizersnede betekent minder gezondheidsrisico’s voor een vrouw.

De jonge artsen en verloskundigen werken hard. Drie jonge artsen bezetten 24/7 de afdeling gynaecologie en verloskunde waar onder andere 10-12 bevallingen per dag plaatsvinden. De werkbelasting van het personeel is groot. Daarnaast is het zorgsysteem basaal: soms een lege apotheek, geen water en stroom, maar ook weinig registratie, overdracht van zorg of eenduidige documentatie van patiëntengegevens. 'Toch gaat er heel veel goed, zeker op het gebied van de verloskundige zorg,' zegt Sjarlot. 'Verbeteringen ten aanzien van de zorg zijn zeker nodig, maar eigenlijk zou ook het systeem in Gulu Hospital verbeterd kunnen worden.'

Ook hierin wist Sjarlot een begin te maken. Mooie verbeterpunten die zichtbaar verschil maakten. Ze introduceerde een whiteboard, omdat de lokale artsen aangaven dat er vaak patiënten informatie verloren ging. Met het whiteboard ontstond overzicht welke patiënten opgenomen lagen. Tevens werkte het board een gezamenlijke overdracht in de hand, wat de samenwerking en kwaliteit van zorg deed verbeteren. Ook het inrichten van een aparte plek voor een zwangere of kraamvrouw die uit medisch oogpunt extra bewaakt moest worden, werd op initiatief van Sjarlot gecreëerd. Deze verbeterpunten ontstonden vooral in samenspraak met het lokale personeel. 'Het mooie van intercultureel samenwerken is dat je van verbazing over hoe de zaken gaan, begrip krijgt waarom ze zo gaan. Juist door samen uitkomsten van zorg te bespreken, kun je samen een probleem herkennen en een oplossing vinden.'

Wel vindt Sjarlot het jammer dat er veel roulatie plaatsvindt van het lokale personeel, zowel van artsen als verloskundigen en verpleging. Sjarlot verwacht dat de slagvaardigheid van VSO nog groter zou kunnen zijn als zij ook de continuïteit van de vrijwilligers zou kunnen waarborgen. 'Het vorige team van VSO zat er tot augustus, ik kwam in december, dan moet je ergens toch weer helemaal opnieuw beginnen.' Sjarlot hoopt dat als ze weer terug kan naar Gulu er wellicht nog meer zorgprofessionals meegaan.

Sjarlot werd in Gulu bekend als de dokter op de fiets, die ze in Gulu kocht en dagelijks gebruikte. 'Die fiets werkte onbewust door in empowerment van mensen daar. Een dokter op een fiets, de gedachte vitaal te willen zijn en vitaal te kunnen blijven door op een fiets te springen, sterkte de mensen.' Sjarlot mist de vriendelijkheid van de Oegandezen. 'Dat de mensen zo open en aardig zijn vond ik misschien nog wel het leukste. Ik ga zeker terug!'

De fietsdokter van Gulu VSO

Onze programmas zijn erop gericht dat - gemeenschappen en onderwijsprofessionals toegang krijgen tot goed onderwijs - gezondheidsprofessionals en gemeenschappen toegang krijgen tot kwalitatief goede zorg - mensen in armoede zelfstandig een bestaan kunnen opbouwen